Bisschoppen erkennen schuldig verzuim

Opinie

Bisschoppen erkennen schuldig verzuim

Dat het zo simpel was  had ik niet vermoed. Al 20 jaar klagen wij als Werkgroep Mensenrechten in de Kerk het schuldig verzuim van bisschoppen en oversten aan als het gaat over hoe ze omgaan met klachten van slachtoffers van seksueel misbruik. In de wandelgangen tijdens de voorstelling in het Belgische Parlement eergisteren zei iemand me. “Nu hoor je het hier toch duidelijk. Ze zeggen het zelf. De bisschoppen erkennen hun schuldig verzuim”. “Erkennen? Bekennen?” vroeg ik me vertwijfeld af. Zou het eindelijk zo ver zijn?”. Na een paar dagen bestuderen en bezinnen en vooral  na het beluisteren, nu een paar dagen later van de besluiten van de commissie Deetman, die een vergelijkbaar onderzoek uitvoerde in de Nederlandse context kan ik niet anders dan tot het besluit komen: de bisschoppen wisten er al van nog voor wij in de jaren 90 hen daarover aanspraken. Ook al ontkenden ze dat toen. Dat bleven de meeste oversten zelfs ontkennen tot in de Parlementaire Commissie toe vorig jaar. Maar van hun bewering blijft  nu niets meer overeind. Daar levert de Commissie Deetman bewijs van. Als deze in de archieven van kerkelijke oversten in Nederland documenten heeft ontdekt uit de jaren 50 van vorig eeuw dan zegt hij eigenlijk dat niet enkel de Nederlandse oversten en bisschoppen er van wisten maar dat het ook bekend was bij alle oversten van alle andere landen want zowel wat de bisschoppen betreft als wat de oversten van congregaties betreft zijn deze besluiten genomen door de paus of door de generale overste van die congregatie en die richtlijnen gelden meteen voor alle huizen of bisdommen. Het omgekeerde is ook waar, wereldwijd. Er is geen enkele richtlijn door eender welke plaatselijke bisschop uitgevaardigd die niet door Rome is gekend en erkend. Dat zegt het Kerkelijk Wetboek al meer dan een eeuw. Dat leert ook de praktijk.

Zowel uit de besluiten van de Belgische als de Nederlandse commissie blijkt dus duidelijk dat de oversten al die jaren meer bezig waren met het veilig stellen van het eigen imago. Imagoschade moest kost wat kost voorkomen worden. Er werd vooral uitgekeken hoe een dader zo snel mogelijk uit beeld zou verdwijnen op die plaatsen waar iets niet meer binnenkamers kon worden gehouden. Met slachtoffers werd geen rekening gehouden. De redenering dat deze handelswijze de schuld was van de toenmalige tijdsgeest werd gemakkelijk meegenomen. Maar toch is zo dat zowel de Belgische als de Nederlandse slachtoffersverenigingen allemaal tot eenzelfde besluit komen, ook nu nog: onze ontmoetingen en gesprekken met bisschoppen en oversten zijn in 95% van de gevallen ondermaats. En die 5% ‘bovenmaats’ blijkt uit zeer recente contacten. Zou er dan toch hoop zijn?Wat Vlaanderen betreft kennen we al een minimale kentering. Er is al een bisschop De Kesel en een bisschop Bonny die niet alleen tijd maakt voor slachtoffers. En een van hen treft zelfs al maatregelen ter voorkoming van nog meer ellende. Maar van een echte schadeloosstelling van het slachtoffer die via alle bisschoppen of oversten tot stand zou moeten komen hebben we nog nooit gehoord. Nog voor de arbitrage begint laten ze hun schapen al blaten dat er geen geld voorzien is.

Onvoltooid verleden tijd

Bisschoppen en oversten proberen, nu het niet meer anders kan, uit de put der vernedering op te staan. Als slachtoffergroep willen wij hen daarin waarderen. Maar we nemen het niet dat de huidige gezagdragers in de kerk blijven beweren dat het hier enkel gaat over een schuldig verzuim in het verleden. Dit institutionele schuldig verzuim van de kerkelijke overheid is decennia lang in stand kunnen gehouden worden enkel omwille van de hardheid van hun hart. Verjaringstermijnen zijn hier nog niet van toepassing want dat schuldig verzuim is nog niet verjaard. Het was in ieder geval nog veelvuldig hoorbaar tijdens de openbare zittingen van de Belgische parlementaire commissie waar op dat moment bv. de Generale overste van de Broeders van Liefde, de heer Stockman beweerde dat onze werkgroep ‘met getallen zwaaide’ maar geen namen kon noemen. Dit ontkennend of ontwijkend gedrag blijft bestaan bij menig kerkelijke gezagdrager. Zolang niet alle slachtoffers beluisterd zijn en vooral in hun eer hersteld zijn en oversten weten van het misbruik en ondernemen niets naar de dader toe, is er sprake van institutioneel schuldig verzuim. Vele slachtoffers hebben moeten leven met het bijkomende trauma dat een overste hen gezegd of geschreven heeft: “door deze klachten in te dienen maakt u deze priester zwart, maakt u de kerk zwart, u hebt geen bewijzen” Of zoals de kardinaal het fijntjes formuleerde: “kan u mij bewijzen dat deze beweringen niet ontsproten zijn in de gedachten van een ziekelijke geest?”

De besluiten van de Belgische Parlementaire Commissie en deze van de Commissie Deetman in Nederland vullen elkaar wonderwel aan. In Vlaanderen is het hele plaatje nog niet duidelijk. In Nederland spreekt de commissie Deetman van tussen de 10.000 en de 20.000 slachtoffers enkel in kerkverband. Vele daders en slachtoffers zijn reeds overleden. Velen zijn er nog in leven. Maar ook al hebben beide commissies nu duidelijk laten zien dat er schuldig verzuim was vanuit de kerkelijke hiërarchie en erkennen bisschoppen dit nu zelf, dit betekent nog niet dat het leed geleden is en de slachtoffers in hun eer hersteld zijn. Dit is en blijft voor hen nog steeds een onvoltooid verleden tot het moment komt dat hun recht wordt gedaan. Het Arbitragehof door de Belgische Parlementaire Commissie in het leven geroepen kan solaas bieden voor heel wat slachtoffers. Maar hiermee is de zaak niet rond.

Ook al zijn er nu al bisschoppen die meteen optreden als ze van misbruikpraktijken horen in hun diocees, de meerderheid van hen doet dit niet. Geen enkel teken wordt door deze laatsten aan de slachtoffers in die zin gegeven. Hopen ze tot deze storm ook weer overwaait? De slachtoffers blijven met hun onverwerkt trauma uit het verleden nog steeds verweesd achter. De imagoschade aan de kerk wordt hierdoor niet kleiner en hoop op herstel voor de slachtoffers niet groter. Als bemiddeling niet helpt kan enkel maar de rechtspraak voor duidelijkheid zorgen. Het zijn uiteindelijk niet de slachtoffers die de oversten, paus en bisschoppen voor de rechter slepen. Nee, dat doen deze bisschoppen zichzelf aan als ze hardnekkig volharden in het vasthouden aan het aloude onschendbare imago. Nee, als de kerk denkt dat ze nu eindelijk opnieuw kan beginnen zoals Marc Van de Voorde zaterdag (17/12) in deze krant beweerde dan is het daar voor de duizenden  slachtoffers die nu al decennia lang wachten op erkenning nog even te vroeg voor. Eer de kerk weer recht krijgt van spreken… laat haar ook maar een paar decennia in de wachtkamer zitten wachten op die erkenning. Dat kan toch geen probleem zijn in het perspectief van de eeuwigheid?

Rik Devillé

Werkgroep Mensenrechten in de Kerk